Sophie Hilbrand: ‘Ik was mezelf niet meer, zo moe was ik’

///Sophie Hilbrand: ‘Ik was mezelf niet meer, zo moe was ik’

Stilletjes was ze uit beeld geslopen. Het was namelijk keihard tijd om bij te komen voor Sophie Hilbrand (39). De dokter gaf haar huisarrest. Een half jaar maar liefst. En nu staat ze er weer, lachend. Mét een nieuw programma.
Mij viel op dat je de laatste jaren minder interviews geeft. Is dat een bewuste keuze? “Misschien wel. Dit is mijn eerste, echt nieuwe programma sinds jaren. Ik heb besloten alleen de aandacht te zoeken als er echt iets nieuws is. Daarvoor heb ik voornamelijk ‘Je zal het maar zijn’ opgenomen en dat draait al een tijdje. Maar nu kon het wel weer.”
Twee jaar geleden had je een burn-out. Heeft het daar ook iets mee te maken? “Ik heb het liever niet over een burn-out. Een burn-out is dat je er zo doorheen bent gezakt dat je de stoep niet meer kan vegen. Dat had ik niet. Maar ik moest het wel rustig aan doen. Na de geboorte van Ravi, twee jaar geleden, had ik een overkill aan alles. Ik had na mijn verlof zin om weer aan het werk te gaan, dus ik deed zoals vanouds twee programma’s tegelijk. Zat ik tussen het filmen door vrolijk te kolven op de achterbank van de auto. Maar ik merkte dat het me zwaarder viel dan normaal: ik vond niet de structuur die ik nodig had om twee kinderen en onregelmatige werkschema’s te combineren. Na de geboorte van Robin, vijf jaar geleden, lukte dat nog wel. Gewoon strak en overzichtelijk de agenda volplannen en hup, gáán. Zo heb ik altijd in het leven gestaan. Nooit gedacht dat een tweede kind dat allemaal zo overhoop zou gooien. Ik heb altijd veel gewerkt, veel dingen tegelijk gedaan. Pas nu besef ik hoe krankzinnig hoog mijn energielevel altijd is geweest. Dat het dus ook óp kan raken. Dat zei iemand zelfs letterlijk tegen me: ‘Ha! Het kan dus blijkbaar toch bij jou!’”

Je bent destijds door de dokter een half jaar naar huis gestuurd. Dat is lang. “Ik vond het ook lang! ‘Nou, denk het niet hoor,’ zei ik. ‘Ik ben gewoon een beetje moe.’ Ik ging nog steeds met plezier naar mijn werk, vond het nog altijd leuk. Alleen: ik was zo moe ineens. Toen ik me ziek meldde, ben ik door BNN naar de bedrijfsarts doorverwezen. Aan een beginnende burn-out dacht ik op dat moment niet. Maar ik moest dat half jaar rust nemen, zei hij. Achteraf ben ik daar blij om. De tijd is voorbij gevlogen, het was best fijn om die ruimte te hebben.”
Kon je wel een vrolijke moeder zijn? “In het begin was ik zo moe dat ik mezelf niet was. Dus ook niet vrolijk. Maar het ging steeds beter, hoewel het met vallen en opstaan was. De ene dag had ik energie, dacht ik dat ik er wel weer was en bij wijze van spreken morgen aan het werk kon. De volgende dag was ik ineens weer helemaal kapot. Zo ging het ook een beetje met mijn humeur. Depressief voelde ik me niet hoor, daar zorgden de kinderen wel voor. Maar ik voelde me heel anders. Dit was compleet nieuw voor me. Heel vreemd voelde het. Niet leuk. Ik moet zeggen: het kost me nu ook moeite om het gevoel precies terug te halen. Na dat halfjaar was het echt voorbij. Ik was weer helemaal mezelf.”
Hoe was het voor Waldemar? “Die heeft me heel goed opgevangen. Hij kan gelukkig goed zorgen en lekker koken. En hij hield me in de gaten: gaat het goed? Doe je niet te veel? Let je op jezelf? Hij was er voor me, maakte tijd voor me vrij. Terwijl hij het zelf heel druk heeft. Ik kan me wat dat betreft geen betere man wensen.”
In het nieuwe dubbelnummer van VIVA 46/47 lees je het hele interview met Sophie

By |2017-05-24T14:55:52+00:00maart 25th, 2017|Blog|0 Comments

Leave A Comment